Een echte leerling is zich ervan bewust dat hij een Meester uitsluitend nodig heeft om gestimuleerd en geïnspireerd te worden op het juiste pad. En wanneer hij die Meester gevonden heeft, twijfelt hij niet aan hem, verzet hij zich niet tegen hem en eist hij evenmin iets van hem. Vaak heeft de Meester haast niets gezegd tegen hem, heeft hij zich niet met hem beziggehouden, maar de leerling weet dat zijn Meester bestaat en hij is gelukkig, hij boekt vooruitgang omdat hij van zijn Meester houdt, in hem gelooft en met hem verbonden is. Al is hij ongelukkig, arm, ziek of stervend, hij voelt zich getroost en gesteund, alleen al bij de gedachte dat zijn Meester bestaat, want het beeld dat hij van hem in zijn hoofd en in zijn hart draagt, is almachtig. Het is deze innerlijke Meester die voor hem alle deuren opent.    

Het is niet voldoende een Meester vaak op te zoeken om te evolueren. Men zoekt de zon op, of bronnen, en toch blijft men dezelfde. Waarom? Omdat men gesloten is. Om zich te openen, zijn geloof en liefde noodzakelijk. Geloof en liefde zijn de sleutels die alle deuren openen.

Zie ook ‘Spirituele Meesters, lichtbakens voor alle tijden’, Izvor 207

Steeds meer mensen hebben belangstelling voor het occultisme: zij zoeken geheimen die hun in staat zullen stellen machtige magiërs te worden. Zij menen deze te zullen vinden in rituelen, talismans en magische formules, en zonder iets af te weten van de werkelijkheid van de onzichtbare wereld, wagen zij zich aan het oproepen van geesten. De arme stakkers! Wat zij zullen vinden, is psychische en zelfs fysieke ontwrichting, want niet de hogere geesten zullen hun aanroepingen beantwoorden, maar entiteiten van het laagste allooi, elementalen en larven. Ja, dat is de waarheid, de onverbiddelijke waarheid. En waarom? Omdat er maar één methode, één enkel middel bestaat om de lichtende geesten, de engelen en aartsengelen aan te trekken: namelijk iedere dag een stap vooruitzetten in het spirituele leven.             

De hemelse entiteiten komen enkel mensen helpen en steunen die blijk geven van zuiverheid, liefde, rechtvaardigheid en waarheid. Men kan niet doordringen tot de geheimen van het universum, als men een middelmatig leven leidt. De goddelijke wereld geeft ons enkel haar zegeningen, al naargelang wij er zelf voor werken. Anderen kunnen ons natuurlijk geven wat wij hun vragen, maar welke prijs zal men daarvoor moeten betalen!

Zie ook ‘Op aarde zoals in de hemel’, Synopsis II, deel VI.3

Wanneer zij beslissen een gezin te stichten, vrienden te maken of beroepshalve samen te werken, hoeveel mensen hebben dan niet de neiging zich te baseren op de eerste indruk, die aangenaam of onaangenaam is, op een gevoel van sympathie of antipathie! Zij denken: ‘O, die persoon spreekt me wel aan’, en zonder te redeneren, zonder dieper na te denken, storten zij zich in het avontuur en zien zij niet dat ze in feite met een boosdoener te maken hebben. En zij laten iemand anders links liggen, omdat zij hem minder sympathiek vinden, terwijl deze persoon in feite een rechtvaardig, eerlijk en goed mens is.

Zolang je voortgaat op je sympathie of antipathie, die indrukken van het moment zijn en niet oordeelt volgens de wijsheid die veel verder ziet, zul je te maken krijgen met ontgoochelingen en mislukkingen.

Zie ook ‘De zaden van het geluk’, Izvor 231, hst. III

Een verderfelijke filosofie gaat rond in de wereld: zij spoort mensen aan al hun verlangens en lusten te bevredigen, want naar verluidt is het heel slecht de stem van de natuur te negeren of zich ertegen te verzetten, want dan heb je te maken met verdringing.             

Als je echter helder en eerlijk bent, zul je vaststellen dat die innerlijke stem je niet altijd aanspoort om uitsluitend je plezier te zoeken. Integendeel, soms raadt zij je aan redelijker te zijn, jezelf beter te beheersen, of zij maakt je zelfs verwijten: ‘Waarom heb je deze dwaasheden begaan? Waarom heb je je laten meeslepen?’ Deze stem drukt zich ongetwijfeld minder vaak en zachter uit, maar zij bestaat, dat kan men niet ontkennen. Welnu, dat komt heel eenvoudig, omdat ook zij de stem van de natuur is, maar van de hogere natuur, terwijl de andere stem die van de lagere natuur is. Want deze twee naturen bestaan samen in de mens en beide proberen zich uit te drukken. Het is belangrijk dat deze kwestie duidelijk is voor jullie.

Zie ook ‘De Gouden Sleutel – tot het oplossen van de levensproblemen’, verzameld werk deel 11.

Het goede doen, is in staat zijn vruchten te geven. Wij zijn allemaal op aarde gekomen, om vruchten te geven, dat wil zeggen mooie, edele en grootse gedachten, gevoelens en daden. Daarom moeten wij er altijd over waken in welke innerlijke toestand wij anderen ontmoeten.

Als je iemand gaat bezoeken, zonder je te bekommeren over de gevolgen die je woorden, gebaren of blikken zullen hebben, zou je die persoon wel eens een indigestie kunnen bezorgen of zelfs vergiftigen. Als je zo handelt, bewijs je dat je de wetenschap van het goede niet hebt begrepen. En wees dan niet verwonderd, als je leven eenzaam en droevig verloopt... Waarom heb je niet geleerd vruchten te geven? Wanneer je geeft, ben je nooit alleen. Geef dus een vrucht, dat wil zeggen doe een werk, offer iets op, geef een gedachte, schenk een vriendelijke blik, een glimlach...

Zie ook ‘Spiritueel leven – 115 gouden regels’, Izvor 227, blz. 68, 95, 109