Een idee is een schepsel, een levend wezen dat van de wereld van de geest komt en dat levende wezen doet een werk met je. Zolang je deze idee vasthoudt en voedt, zal zij je beïnvloeden en vormen, tot je er op een dag in slaagt de sublieme wereld, waar zij vandaan komt, te weerspiegelen: de wereld van de archetypes, waar de schepselen verblijven die precies Ideeën worden genoemd.

Daarom is het zo belangrijk voor een goddelijk idee te werken; deze idee trekt vanzelf alle mogelijkheden aan om je te vormen en te verbeteren, en op een dag word je een burger van deze wereld der Ideeën. Het is belangrijk te werken voor een idee, om een band te hebben met de hogere wereld. Wanneer er geen ideeën meer zijn die aan jou werken als bijen, om je alle zegeningen te brengen, word je beroofd van al het beste wat er bestaat.

Zie ook ‘Meditatie – scheppend werken met de gedachte, de verbeelding, de natuur, het licht’, reeks Stani nr. 3, deel IV 1-5

Wanneer alpinisten de beklimming van een top ondernemen, vragen zij niet aan de gids die hen leidt, zich om te draaien om naar hen te kijken. Welnu, het spirituele leven is zoals de beklimming van een hoge top en je moet aan je Meester niet vragen zich om te draaien. Want jouw bescherming ligt in het feit dat hij zich niet omkeert. Als hij dat wel zou doen, om naar jou te kijken of naar je te luisteren, zal hij een verkeerde stap zetten en zullen alle klimmers aan het touw neerstorten.                                                   

Beneden in de vlakte, in het gewone leven, ligt het anders, maar hier is men bezig met de beklimming van een berg en dan zijn de regels veel strikter. Je moet de Hemel zelfs bidden dat je Meester niemand zou bekijken, opdat hij alle bergbeklimmers aan het touw naar de top zou kunnen brengen. Ja, daarvoor moet je bidden, in plaats van je voortdurend met al je kracht te concentreren om je gids te dwingen zich naar jou te keren, met jou bezig te zijn, zonder te beseffen dat dit de ondergang van iedereen teweeg kan brengen. Zoals je ziet, weet men nog niet hoe men een Meester moet beschouwen.

Zie ook ‘Spirituele Meesters, lichtbakens voor alle tijden’, Izvor 207, hst. II en VIII

De Broederschap bestaat, opdat wij allen samen, gemeenschappelijk het Koninkrijk van God zouden kunnen vragen. Het spreekt vanzelf dat iedereen het alleen, op zichzelf kan vragen, maar alleen is men niet in staat zulke machtige resultaten voort te brengen, tenzij men andere wetten zou kennen. Wie alleen is, moet weten dat hij in zijn eenzaamheid nooit iets zal uitrichten en dat hij zich met de gedachte moet verbinden met heel die collectiviteit van wezens, verspreid over heel de aarde, die voortdurend in dezelfde richting werken voor het Koninkrijk van God. Als men niet altijd bij de anderen kan zijn, moet men zich tenminste met hen verbinden door de gedachte.

Waarom altijd afgezonderd blijven? Zelfs om een kind te maken, moet men uit die steriele afzondering stappen en iemand vinden die luistert naar de naam vrouw... of man. Maar mensen hebben dit niet begrepen. ‘Ik op mijn eentje... ik wil helemaal alleen blijven!’ Goed, blijf dan alleen en je zult onvruchtbaarheid oogsten, een overvloed aan onvruchtbaarheid! Om God te vinden, kan men niet alleen blijven, maar moet men zich verbinden met alle ontwikkelde wezens in het universum, die bezig zijn aan Hem te denken.

Zie ook ‘Een universele filosofie – broederschap als nieuwe vorm van bewustzijn’, Izvor 206, hst. VIII

Planten, dieren en mensen worden doordrongen van zonne-energie, maar ze ontvangen deze energie pas nadat zij door de aarde opgenomen, verwerkt en uitgedeeld werd. Zo bekeken is de aarde even belangrijk als de zon.                                                           

Wanneer je zonnebaadt, denk dan niet dat je de stralen van de zon direct ontvangt. Want voordat ze je bereiken, hebben deze stralen de atmosfeer van de aarde doorkruist en dankzij de transformatie die daar heeft plaatsgevonden, kun je de zonnestralen ontvangen en opnemen. Daarom is het belangrijk dat je altijd in harmonie bent met de aarde en dat je deze respecteert en lief hebt. Anders zul je niet veel weldaden ontvangen van het licht en de warmte, zelfs indien je je blootstelt aan de zon.

Zie ook ‘Het leven, meesterwerk van de geest’, Synopsis III, deel XI

Wanneer een man of een vrouw blijk geven van een gave voor kunst of wetenschap, worden zij door iedereen bewonderd, gewaardeerd, uitgenodigd en omhelsd. Deze bewonderaars vragen zich niet af of die persoon goed, rechtvaardig, eerlijk of edelmoedig is. Nee, het talent is alles wat men bekijkt en iedereen probeert dit bijgevolg te ontwikkelen. Daarom is de aarde tegenwoordig zo bevolkt met bekwame, talentvolle mensen, het is formidabel, het krioelt ervan!                                           

Maar waarom kunnen al die bekwaamheden, talenten en genieën de wereld niet redden? Alles gaat zelfs slechter en slechter... Maar men aanvaardt deze situatie. Iemand heeft capaciteiten en dat is het enige wat telt. Dat er vanbinnen wanorde, lelijkheid en verrotting heersen, is van geen enkel belang. En omdat iedereen weet dat het zo gaat, houdt iedereen zich bezig met het ontwikkelen van talenten die door de anderen gewaardeerd worden, zelfs als deze talenten bijdragen tot de vernietiging van de mensheid.

Zie ook ‘De Gouden Sleutel – tot het oplossen van de levensproblemen’, verzameld werk deel 11, hst. XV